Bestellen, bewaren, vervoeren en afvoeren (COVID-19-vaccinatie)

Bewaren vaccins

Direct na levering worden de vaccins in een medische koelkast geplaatst. De koelkast houdt de temperatuur constant tussen de 2 °C en 8 °C. Zie de NHG-Praktijkhandleiding Nationaal ProgrammaPneumokokkenvaccinatie Volwassenen (hoofdstuk 4, Levering vaccins en bewaren), de LCI-richtlijn en de SNPG-website in de bijlage ‘goed vaccinbeheer’ voor bewaarvoorschriften (‘bewaarcondities’).

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) houdt toezicht op het hele vaccinatietraject, inclusief het bewaren en vervoeren van vaccins. De IGJ voert steekproefsgewijs controles uit.

Vervoeren vaccins

Transport*
COMIRNATY (Pfizer)
<2°C2-8°C8-30°C
pictogram autopictogram fietsenpictogram lopen
Auto, fiets of lopend

pictogram vaccinflaconAlleen toegestaan
voor onaangebroken 
vaccinflacons
Cold chain-incident:
zie **
4 uurCold chain-incident:
zie **
pictogram autopictogram fietsenpictogram lopen
Auto, fiets of lopend

pictogram vaccinflacon aangepriktpictogram vaccin opgetrokkenOpgelost vaccin in  vaccinflacon (ook na onttrekking 1 of meerdere doses)
(vervoeren zonder optreknaald) of vaccin 
opgetrokken in spuit
Cold chain-incident:
zie **
Zo kort mogelijk,
maximaal 6 uur na 
moment toevoegen
oplosvloeistof
Zo kort mogelijk,
maximaal 6 uur na 
moment toevoegen 
oplosvloeistof


Transport Corminaty (Pfizer) 

* Altijd goed inpakken (rechtop) en beschermen tegen overmatig schudden. Instructies “goed vaccinbeheer” in acht nemen (zie bijlage Goed Vaccinbeheer).
** Bij een mogelijke afwijking van de temperatuur (dus buiten de 2-8°C) en bij andere incidenten waarbij het vaccin betrokken is geweest (bijvoorbeeld te lang gewacht met toedienen), moet de uitvoerende organisatie direct telefonisch contact op nemen met RIVM-DVP via telefoonnummer 088-678 8900.

Het Comirnaty (Pfizer)-vaccin mag opgetrokken in de spuit vervoerd worden, mits vervoerd onder gecontroleerde temperatuur. Het vaccin moet aantoonbaar niet < 2 ºC of > 30 ºC zijn geweest. Vervoer het vaccin bij voorkeur in een medische koelbox met temperatuurlogger. Zorg ervoor, indien u deze niet heeft, dat u kunt uitleggen dat de vaccins op de juiste temperatuur stootvrij vervoerd zijn. Van de betrokken partijen wordt verwacht dat zij professionele afwegingen maken om de kwaliteit en integriteit van de vaccins te borgen. 

U moet aannemelijk kunnen uitleggen dat het vaccin tijdens het vervoer binnen de juiste temperatuurgrenzen is geweest.. Een schriftelijk plan van de uitvoering van vaccinaties aan huis helpt in de verantwoording. Bij een eventuele controle van de IGJ kunt u deze informatie overleggen. 

Een aantal aandachtspunten bij het vervoer:

  • Gebruik een auto met airconditioning.
  • Laat vaccins (al dan niet in de koelbox) niet achter in een geparkeerde auto. Een geparkeerde auto wordt overdag al snel te warm voor het vaccin en ’s nachts bestaat het risico op bevriezing.
  • Houd de tijd buiten de praktijk (gecontroleerde koeling) zo kort mogelijk. (Een reistijd van 15 minuten heeft minder risico op een verhoogde temperatuur dan 4 uur.)
  • Pas uw plan aan bij hogere buitentemperaturen, zoals in de zomer.
  • Als u een koelbox met passieve koeling (door koelelement) gebruikt:
    • Laat koelelementen voldoende tijd op kamertemperatuur acclimatiseren voordat u ze in de koelbox legt. Ze worden dan aan de buitenkant nat door condensatie. Witte rijp aan de buitenkant geeft aan dat het element nog te koud is en niet geplaatst mag worden.
    • Verpak het koelelement in een doek om bevriezing door direct contact tussen vaccin en koelelement te voorkomen.
    • Verpak het vaccin in een plastic (boterham)zakje om te voorkomen dat de vaccinverpakking nat wordt door condens.
  • Leg het vaccin niet in de buurt van een verwarming in de auto of in huis.
  • Zorg er altijd voor dat het vaccin niet kan schuiven of stoten.

De specifieke richtlijnen voor het vervoer per vaccin staan in hoofdstuk 5 van de uitvoeringsrichtlijn COVID-19-vaccinatie. Zie ook bijlage 2 van het document Goed Vaccinbeheer: ‘Eisen aan mobiele koeloplossingen’.

Veilig afvoeren vaccins 

Gezien de verhoogde veiligheidsrisico’s rondom COVID-19-vaccins moet het vernietigingsproces op een veilige wijze worden uitgevoerd. De vaccinverpakkingen kunnen voor vervalsingsdoeleinden misbruikt worden als ze in verkeerde handen vallen. De eerste aan huisartsen geleverde AstraZeneca-vaccins zijn over hun houdbaarheidsdatum heen en moeten, indien ongebruikt, veilig afgevoerd worden. 

De overige ongebruikte AstraZeneca-flacons kunt u onder de juiste condities in uw koelkast bewaren.

  • Zoals gebruikelijk in de huisartsenpraktijk worden de af te voeren flacons COVID-19-vaccins (vol dan wel leeg) gedeponeerd in een WIVA-vat voor medisch afval (dit is een UN-3291 gecertificeerde container waarvan de deksel, eenmaal gesloten, niet meer open te maken is).
  • Doosjes, losse batchnummerstickers en eventueel bijsluiters van COVID-19-vaccins horen ook bij het medisch afval. U kunt de integrale verpakkingen en de batchnummerstickers in het WIVA-vat werpen. Als alternatief kunt u deze papieren vernietigen zoals u ook uw vertrouwelijke informatie over patiënten vernietigt. 
  • Plaats het WIVA-vat op een veilige, afsluitbare plaats waartoe onbevoegden geen toegang hebben.
  • Bied het WIVA-vat afgesloten aan bij het vernietigingsbedrijf, de apotheek of de gemeente.

Noteer het aantal flacons met vaccinatievloeistof dat u op deze manier vernietigt en het batchnummer in uw administratie, zodat u altijd kunt aangeven wat er met de ongebruikte flacons gebeurd is. 

De overige ongebruikte AstraZeneca-flacons kunt u onder de juiste condities in uw koelkast bewaren en telefonisch aanmelden bij het Logistiek CoördinatieCentrum (LCC) van het RIVM (088-678 89 00), mits u deze nog niet eerder bij de vaccinmakelaar heeft gemeld.

← Vaccins en bijwerkingen | Uitnodigen en voorlichten→

Naar boven