Infectiepreventieve adviezen

De nieuwe (o.a. Britse) varianten van het coronavirus lijken zich gemakkelijker te kunnen verspreiden dan het coronavirus dat reeds in Nederland aanwezig is (wild type). Deze week vindt multidisciplinair overleg plaats met o.a. RIVM, microbiologen en clinici uit verschillende disciplines over de consequenties van deze virusvariant in relatie tot de al langere tijd geldende infectiepreventieve adviezen. Begin volgende week verwachten wij te kunnen aangeven of de infectiepreventieve adviezen zullen worden aangepast. 

Vooruitlopend op eventuele wijzigingen bevelen we continu preventief gebruik van chirurgische mondneusmaskers type IIR aan tijdens het reguliere spreekuur (zie Persoonlijke beschermingsmiddelen en de aangepaste versie van het stroomdiagram Telefonische scheiding patiëntenstromen non-COVID-19 en (mogelijk) COVID-19). Ook blijkt in de praktijk dat transmissie van COVID-19 regelmatig ontstaat door contact met collega’s op het werk. Houd daarom ook in het contact met collega’s minimaal 1,5 meter afstand en draag een chirurgisch mondneusmasker

Vaccinatie en PBM

De uitgangspunten voor het dragen van PBM gelden ook voor zorgmedewerkers die tegen COVID-19 gevaccineerd zijn. De bescherming van de vaccinatie geeft geen 100% bescherming en de duur van de bescherming is nog onbekend. Ook is er nog onvoldoende bekend of iemand SARS-CoV-2 kan verspreiden na gevaccineerd te zijn tegen COVID-19. Vaccinatie vormt op dit moment daarom geen reden om gebruik van PBM achterwege te laten.

Naar boven